Tonny Wijlens: 'Iets met je handen maken is prachtig'

Harry Abels zit samen met Tonny Wijlens op een bankje in het ROC gebouw. Ze wisselen foto’s van vroeger uit. Of het foto’s zijn van de Gieterij van Stork? Natuurlijk. “Dit gietstuk ging naar de Expo’’, zegt Tonny Wijlens (79). “En de hal waarin we nu zijn was de Gieterij.’’

Wijlens werkte van 1952 tot 1992 bij Stork. Eerst als vormer, later bij Pompen en Cilinder koppen om in de Gieterij uit te komen. “Of het leuk werk was? Het was prachtig! En het was alleen maar smerig werk”, zegt Wijlens, die al snel begon met het geven van rondleidingen. Hij doet het nog! “Ik heb er dit jaar één gedaan. Ze hebben het allemaal wel gezien denk ik. Vroeger deed ik er drie of vier in de maand.’’

Het mooiste van zijn werk was het gieten, zegt Wijlens . “Je had wel bescherming - voor de ogen, een helm en zware laarzen - maar het spetteren ging zo door je overall heen. Had je hete sputters gietijzer  in je broek en moest je flink schudden. 1300 graden was dat spul. Dat was oorlog. Dat moet niet blijven hangen.’’

Wijlens laat nog even zien hoe je met een hete broek schudt. Harry Abels, de architect van het ROC gebouw, ziet de humor er wel van in. “Het was een hartstikke mooi  vak’’, zegt Wijlens. “Iets met je handen maken. Prachtig. Prachtig.’’


-Tekst en video: Twentekst-

Andere portretten bekijken?

Terug naar overzicht